Vogels

IJsvogel
Ijsvogel---a.-de-la-sencerie

Een blauwe flits en een luide fluitende roep zijn vaak het eerste dat men van een ijsvogel te zien en horen krijgt. IJsvogels zijn kenmerkende vogels van beken en rivieren met zoet, stromend water. In mindere mate wordt ook bij stilstaande, visrijke wateren genesteld. De aanwezigheid van zandige of lemige stijle oeverranden is een vereiste, omdat daarin de nesttunnel wordt uitgegraven. 's Winters worden ijsvogels ook bij meer open en brakke of zoute wateren gezien. Het enige wat dan telt, is de aanwezigheid van voldoende voedsel - kleine visjes, waterinsekten en dergelijke - en een ijsvrij, helder wateroppervlak om dat voedsel te kunnen bemachtigen. Bovendien stellen IJsvogels prijs op enkele bomen of struiken langs de oever, welke als uitvalsbasis gebruikt worden.


Europese verspreiding

Geheel Europa, met uitzondering van IJsland. De ijsvogel mijdt toendra- en taigalandschappen en komt ook niet voor op grote hoogte (alpen). Kortom: overal waar helder, stromend water voorhanden is dat niet (overal) bevriest in de winter.


Biotoop

Beken en meren, moeras, oevers, park en tuin, plassen, rietland en ruigte, rivieren, vennen


Voedsel-en broedbiotoop

Ijsvogels duiken in helder, liefst stromend water naar visjes en waterinsecten zoals libellenlarven. Vissen hebben echter de voorkeur. Bij het duiken wordt het oog beschermd door een speciale 'duikbril': een transparant vlies schuift voor het oog en beschermt het tegen onwillige prooivissen en waterplanten.


Gedrag

zit vaak rechtop op een laaghangende tak boven het water te loeren naar visjes en is dan lastig te ontdekken. Veel makkelijker is het als een ijsvogel luid roepend over het water vliegt.


Oorzaak afname/toename

Het aantal broedende ijsvogels in ons land is erg wisselvallig, hetgeen vooral te maken heeft met de invloed van extreem strenge winters.


Aantal en trend

Waarschijnlijk schommelde het totaal aantal broedparen tot begin jaren zestig tussen enkele tientallen en enkele honderden paren. Na de strenge winter van 1963 trad wel een herstel op, maar dit verliep moeizaam. Pas in 1975 werden weer zo'n 300 broedparen geteld. In de 90'er jaren schommelde de stand tussen de 125 en 250 paar. Vanaf 1998 maakte de soort een enorme come-back: voor 2002 ligt de schatting van SOVON Vogelonderzoek Nederland op 550-600 broedparen. De meeste ijsvogels broeden op de zandgronden van oostelijk Noord-Brabant, Limburg en de Achterhoek, in de duinstreek en langs de grote rivieren. IJsvogels zijn in staat om in korte tijd veel jongen groot te brengen. Op deze wijze compenseren ze het verlies aan vogels gedurende strenge winters.




» Terug naar het overzicht



Eigenschappen


Status

Jaarvogel. Uiterst schaarse tot schaarse broedvogel; doortrekker en wintervogel in klein aantal


Overige namen

Kingfisher , Alcedo atthis


Orde

Coraciiformes


Familie

IJsvogels (Alcedinidae)


Snavel

grote dolkvormige snavel die geheel zwart is bij de mannetjes, vrouwtjes hebben een rode snavelbasis


Poten

kort


Opvallende kenmerken

Onmiskenbaar blauw-oranje gekleurd. Plomp gebouwd met korte staart en grote kop en snavel


Voedsel

vis en waterinsecten




Welke ander leefgebieden

Biesbosch
Biesbosch