Vogels

Kleine rietgans
Kleine-rietgans

Kleine rietganzen zijn 's winters in Nederland te zien. Het is zelfs zo dat vrijwel alle kleine rietganzen die broeden op Spitsbergen, in Nederland overwinteren. Vrijwel alle kleine rietganzen overwinteren op een totale oppervlakte van slechts enkele vierkante kilometers, geconcentreerd in het zuidwesten van Friesland. De internationale betekenis van Zuidwest-Friesland als overwinteringsgebied voor ganzen wordt daarmee nog eens extra onderschreven. Een enkele overzomerende vogel wordt zo nu en dan waargenomen, maar broedpogingen zijn nog niet vastgesteld. Het gaat in dit geval vermoedelijk om uit gevangenschap ontsnapte vogels.


Europese verspreiding

Kleine rietganzen broeden op IJsland, het oosten van Groenland en op Spitsbergen.


Biotoop

Plassen, weilanden (uitgestrekt)


Voedsel-en broedbiotoop

Grazige weilanden in een waterrijk open landschap, dat is wat kleine rietganzen prefereren. Bij aankomst in Nederland bevinden zich enorme concentraties langs de IJsselmeerkust. Later in de winter spreiden de ganzen zich uit over het Friese Merengebied. Tegen eind december trekt - ook in milde winters - een groot deel van de kleine rietganzen door naar de polders rond Brugge in België.De terugreis naar het noorden wordt al in januari aangevangen, meestal in één ruk door naar Denemarken, om van daaruit in het voorjaar door te vliegen naar de broedgebieden op Spitsbergen.


Gedrag

Leeft buiten het broedseizoen in grote groepen.


Trekroute

Kleine rietganzen trekken in pal zuidelijke richting.


Overwinteringsgebied

In Nederland overwinteren vrijwel alleen vogels van Spitsbergen, die in Zuidelijke richting trekken naar Nederland en soms, vooral tijdens strenge winters, nog iets verder. De vogels die op IJsland broeden, overwinteren hoofdzakelijk in het Verenigd Koninkrijk.


Aantal en trend

In de broedgebieden gaat het de kleine rietgans momenteel goed; zowel op IJsland als op Spitsbergen wordt een toename geconstateerd. Dit vindt zijn weerslag in het aantal overwinterende vogels in Nederland.




» Terug naar het overzicht



Eigenschappen


Status

Wintergast. Doortrekker en wintergast in vrij groot aantal.


Overige namen

Pink-footed Goose , Anser brachyrhynchus


Orde

Anseriformes


Familie

Eenden (Anatidae)


Broedperiode

Vanaf begin juni


Aantal eieren

4 - 5, soms tot maximaal 8


Aantal legsels

Eén legsel per jaar


Snavel

Kort en driehoekig met een roze band.


Poten

Roze


Opvallende kenmerken

Gemakkelijkst te herkennen aan poten en snavel.


Voedsel

Plantaardig materiaal zoals granen, jonge schoten en gras.




Welke ander leefgebieden